De eerste jaren van de dodentocht
1969 · Vandaag is de Dodentocht in Bornem een begrip. Duizenden wandelaars uit binnen- en buitenland zakken elk jaar naar Klein-Brabant af om 100 kilometer te stappen. Maar ooit begon dit gigantische wandelevenement heel bescheiden, vanuit een Bornems jeugdhuis en met amper enkele tientallen deelnemers.
Vandaag is de Dodentocht in Bornem een begrip. Duizenden wandelaars uit binnen- en buitenland zakken elk jaar naar Klein-Brabant af om 100 kilometer te stappen. Maar ooit begon dit gigantische wandelevenement heel bescheiden, vanuit een Bornems jeugdhuis en met amper enkele tientallen deelnemers.
Het verhaal begint in 1969. Wandelclub Kadee, ontstaan binnen het Bornemse jeugdhuis Kadee, nam dat jaar deel aan de Vierdaagse van Nijmegen. Daar ontstond bij enkele leden het idee om zelf een bijzondere wandeltocht te organiseren. Niet zomaar een wandeling, maar een uitdaging die de deelnemers echt op de proef zou stellen: 100 kilometer.
Het idee werd aanvankelijk door sommigen als behoorlijk vermetel beschouwd. Toch zette Kadee door.
Op 14 augustus 1970 was het zover. Vanuit café ’t Kelderke, de toenmalige thuisbasis van Kadee, vertrokken 65 moedige wandelaars voor de allereerste “100 km wandeltocht van Kadee”. Het was nog helemaal niet de massahappening die we vandaag kennen. Geen duizenden deelnemers, geen gigantische tenten op het Kerkplein en geen uitgebreide logistiek zoals vandaag.
Wel waren er enthousiaste vrijwilligers. Andere leden van het jeugdhuis zorgden samen met het Vlaamse Rode Kruis voor de nodige ondersteuning onderweg.
Na 24 uur bereikten 47 van de 65 deelnemers de eindmeet. De eerste Dodentocht was daarmee een feit. De tocht kreeg meteen ook een internationaal tintje dankzij de deelname van de Nederlandse mevrouw Dirven.
Het succes bleef niet uit.
In 1971 kwamen al 202 deelnemers aan de start. De organisatie maakte reclame tijdens andere wandeltochten in Vlaanderen en ook bij bekende wandelklassiekers zoals die van Vielsalm en Nijmegen. De belangstelling groeide zo snel dat café ’t Kelderke al snel te klein werd.
In 1972 moesten de organisatoren daarom uitwijken. De start verhuisde naar de Jan Hammeneckerstraat, op de plaats waar later het cultuurcentrum Ter Dilft zou komen. Maar liefst 397 wandelaars stonden daar aan de start van de derde editie.
Het was ook het jaar waarin een attribuut zijn intrede deed dat later onlosmakelijk met de Dodentocht verbonden zou raken: de doodskist.
Het Kerkplein wordt het hart van de Dodentocht
In 1973 waren er maar liefst 782 voorinschrijvingen. Bornem beschikte op dat moment eenvoudigweg niet over een geschikte zaal om zoveel wandelaars te ontvangen. Daarom verhuisde de start naar het Kerkplein, het huidige Kardinaal Cardijnplein.
Er werd een grote tent geplaatst.
Niemand kon toen vermoeden dat die tent en het Kerkplein jarenlang het vertrouwde decor van de Dodentocht zouden worden. De organisatie zou er niet meer vertrekken. Alleen de omvang van de tent zou in de loop der jaren steeds groter worden.
In 1974 volgde de vijfde editie en werd opnieuw een belangrijke grens overschreden: voor het eerst stonden meer dan duizend deelnemers aan de start.
Vanaf dat moment begon ook de Bornemse bevolking steeds meer mee te leven met het evenement. Inwoners stelden kamers ter beschikking aan wandelaars, terwijl mensen langs het parcours zorgden voor water, fruit en aanmoedigingen.
De Dodentocht groeide daardoor langzaam uit van een initiatief van een jeugdhuis tot een evenement waar heel Bornem bij betrokken raakte.
Van kleine wandeltocht naar Bornemse traditie
In 1970 waren er 65 deelnemers. Vier jaar later waren het er al meer dan duizend. Dat toont hoe snel de Dodentocht in die beginjaren groeide.
De organisatie werd professioneler, het parcours werd aangepast en de accommodatie en coördinatie werden steeds verder uitgebouwd. In 1977 waren er al meer dan 2.000 deelnemers.
De basis voor de Dodentocht zoals we die vandaag kennen, was toen gelegd.
Wat begon met een handvol jonge mensen die na een wandeltocht in Nijmegen vonden dat Bornem zelf iets bijzonders moest organiseren, groeide uit tot een evenement dat Bornem internationaal op de kaart zou zetten.
En misschien is dat wel het mooiste aan de geschiedenis van de Dodentocht: achter de duizenden deelnemers, de grote tenten en de indrukwekkende organisatie van vandaag schuilt nog altijd dat eenvoudige idee uit 1969.